Mijn BVDM

Tarieven roerende voorheffing vanaf 1/1/2017

Gepubliceerd op 13-01-2017 door Nick Verheyden

Na de verhoging van de roerende voorheffing met ingang van 1 januari 2017, kennen we maar liefst 8 verschillende tarieven:

Tarief Welke intresten of dividenden?
30% Op intresten en dividenden waarvoor geen verlagingen van toepassing zijn = standaardtarief.
20% Op liquidatiereserves die werden aangelegd vanaf AJ 2018 en die binnen de 5 jaar worden uitgekeerd.
Op VVPR dividenden die worden uitgekeerd vanaf het tweede boekjaar na het boekjaar van inbreng in geld in een kleine vennootschap.
17% Op liquidatiereserves die werden aangelegd vóór AJ 2018 en die binnen de 5 jaar worden uitgekeerd.
Op vastgeklikte reserves (art. 537 WIB92)(*) die worden uitgekeerd binnen de eerste 4 jaren door een grote vennootschap of binnen de eerste 2 jaren door een kleine vennootschap.
15% Op VVPR dividenden die worden uitgekeerd vanaf het derde boekjaar en later na het boekjaar van inbreng in geld in een kleine vennootschap.
10% Op vastgeklikte reserves (art. 537 WIB92)(*) die worden uitgekeerd in het jaar 5 en 6 door een grote vennootschap of in jaar 3 door een kleine vennootschap.
5% Op liquidatiereserves die worden uitgekeerd na 5 jaar te rekenen vanaf de laatste dag van het boekjaar waarvoor de liquidatiereserve werd aangelegd.
Op vastgeklikte reserves (art. 537 WIB92)(*) die worden uitgekeerd in jaar 7 en 8 door een grote vennootschap of in jaar 4 door een kleine vennootschap.
1,69% Op dividenden uitgekeerd door een moedervennootschap uit een land met een dubbelbelastingverdrag, die minder dan 10% bezit van de aandelen van de dochter maar waarvan de aanschafwaarde meer dan 2,5 miljoen euro bedraagt.
0% (**) Op vastgeklikte reserves (art. 537 WIB92)(*) die worden uitgekeerd vanaf jaar 9 door een grote vennootschap of vanaf jaar 5 door een kleine vennootschap.
Op liquidatiereserves die worden uitgekeerd bij vereffening van de vennootschap.
Op dividenden uitgekeerd door een moedervennootschap uit een land met een dubbelbelastingverdrag, die meer dan 10% bezit van de aandelen van de dochter.
(*) Art 537. WIB de termijn wordt gerekend vanaf de formalisering van de inbreng, dus de datum van de notariële akte vankapitaalverhoging.
(**) In de meeste gevallen moet er bij de aangifte roerende voorheffing een bijlage worden bijgevoegd die de vrijstelling verantwoord.

 

Boekhoudkantoor Van de Merlen
Handelslei 187
2980 Zoersel
BE 0841.381.067

T: + 32 3 291 00 10
M: info@bvdm.be

Inspiratie in uw mailbox